
Steekkaart
- Latijnse naam
- Phoenix (Phe)
- Helderste ster
- Ankaa (α Phe)
- Relatieve helderheid
- 2,39 mag
- Hipparcos-catalogus
- HIP 2081
- Oppervlakte
- 469 deg² (plaats: 37 van 88)
- Rechte klimming
- 23h 26m 46s tot 2h 25m 03s
- Declinatie
- -57° 50' 54'' tot -39° 18' 14''
- Aangrenzende sterrenbeelden
- Beeldhouwer, Kraanvogel, Toekan, Kleine Waterslang, Eridanus, Oven
Zichtbaarheid
Het sterrenbeeld Phoenix
De Phoenix is een sterrenbeeld van het zuidelijk halfrond. Zijn helderste ster is α Phoenicis, ook bekend onder de naam Ankaa (feniks). Vol trots draagt de Phoenix zijn helderste ster op zijn kop.
In dit deel van de nachthemel is hij een van de vijf sterrenbeelden die naar vogels zijn genoemd. In zijn nabijheid stralen ook de Pauw, de Kraanvogel, de Toekan en de Paradijsvogel. Onder hem slingert zich het sterrenbeeld van de rivier Eridanus, een bijzonder langgerekt sterrenbeeld van de zuidelijke hemel. De helderste ster daarvan, Achernar, bevindt zich ten zuidoosten van de Phoenix.
Geschiedenis
Terwijl de sterrenbeelden van het noordelijk halfrond al sinds de oudheid bekend waren en op de meest uiteenlopende mythologieën teruggaan, bleven veel sterrenbeelden van het zuidelijk halfrond lange tijd naamloos. Pas in de 16e eeuw ontfermde men zich over hen. Tussen 1595 en 1597 brachten de Nederlandse zeevaarders Pieter Dirkszoon Keyser (opperstuurman) en Frederick de Houtman (broer van de kapitein) in opdracht van Petrus Plancius tijdens een expeditie de zuidelijke sterrenhemel in kaart. Beïnvloed door hun belevenissen tijdens de reis naar Oost-Indië gaven zij een dozijn sterrenbeelden een naam: Kameleon, Vlieg, Vliegende Vis, Indiaan, Kraanvogel, Paradijsvogel, Pauw, Phoenix, Goudvis, Kleine Waterslang, Zuiderdriehoek en Toekan.
Mythologie
De feniks was al in de tijd van de oude Egyptenaren bekend, ook al was hij nog niet aan de hemel vereeuwigd. Volgens de mythologie zou hij bij het ontstaan van de wereld aanwezig zijn geweest. Hij gold als de ziel van de zonnegod Ra. In de gedaante van een reiger zou hij om de paar honderd jaar zijn verschenen.
Later, in de tijd van de Grieken en Romeinen, was hij bekend als de “feniks uit de as”. Volgens de Metamorfosen van Ovidius leefde een feniks vijf eeuwen lang. Daarbij voedde hij zich uitsluitend met wierook en balsem. Aan het einde van zijn leven gekomen, bouwde hij een nest, waarin hij stierf en als kleine vogel weer herrees.
De feniks staat tot op heden voor de opstanding in nieuwe glans en voor wedergeboorte en onsterfelijkheid.
